Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 


BIJZONDERE SPORTERS UIT DE VTO1 DEEL 1: DENNIS VAN MELZEN

Door : Paul Lindeboom

Op de website van de Stichting van de vrienden LO&Sport starten we met een nieuwe serie: een aantal interviews vanuit de jongste lichting sportinstructeurs, die een bijzondere sport beoefenen. In de eerste aflevering voeren we Dennis van Melzen op, die de motorsport beoefent en dat behoorlijk succesvol doet.

Hoe ben je in de motorsport terecht gekomen? En wat kun je je van je allereerste wedstrijd herinneren?
Dennis: “Het begon eigenlijk allemaal toen ik een paar maanden oud was, mijn vader deed aan motorsport en zo is het mij eigenlijk met de paplepel ingegoten. Ik ging af en toe mee naar de wedstrijden om te kijken en wilde altijd zelf ook gaan racen, maar dit werd tegengehouden door mijn vader doordat hij de gevaren van de sport kende. Na velen jaren zeuren kreeg ik op mijn 15 e toch mijn zin en ben ik begonnen met brommerrace. Met een getunede 50cc motor reed ik wedstrijden op verschillende wieler- en kartbanen in Nederland.

Mijn eerste wedstrijd kan ik nog goed herinneren. Omdat ik nog geen 16 was en nog niet kon schakelen, zijn we eerst een paar dagen op een afgesloten parkeerterrein in de  buurt gaan rijden om alles onder de knie te krijgen.
Doordat ik in een nieuwe opstapklasse begon en de motoren nog niet allemaal uitgeleverd waren, stonden er maar 2 rijders aan de start. We werden ingedeeld bij een andere klasse om het voor ons en het publiek toch wat aantrekkelijker te maken.

In de training had ik gelijk mijn eerste valpartij te pakken, dit is wel een grappig verhaal. Toen de training begon regende het, waarbij ik van mijn vader te horen kreeg uit te moeten kijken en rustig te remmen. Doordat de baan glad was, luisterde ik prima naar zijn advies maar toen het tegen het einde van de training gestopt was met regenen, was ik van mening dat ik weer hard en laat kon remmen. Dit heb ik geweten en voor dat ik het wist, lag ik in het gras met een beschadigde motor een stuk verderop.

Gelukkig ging de wedstrijd wel goed, deze wist ik winnend af te sluiten!”

Je mooiste sportmoment betrof het seizoen waarin je Nederlands Kampioen Motorracen werd. Kun je een uitvoerige beschrijving hiervan geven, waarin je ook inzoomt op de voorbereidingsperiode?
Dennis: “Na een aantal jaar racen waarbij ik in verschillende klassen bij de brommerrace gereden heb en telkens wel mee deed voor de overwinningen en het kampioenschap, moest het er in het seizoen 2011 toch echt van komen. Ik had een goed team om me heen waarbij ik mezelf alleen maar hoefde te focussen op het racen. Het seizoen, dat loopt van maart tot oktober, bestond uit 12 verschillende wedstrijden waarbij telkens 2 races op een dag werden verreden en je verschillende punten kon behalen. Hoe hoger je eindigt hoe meer punten je krijgt, de coureur die aan het einde van het seizoen de meeste punten had behaald, mocht zich Nederlands Kampioen noemen.  
Mijn seizoen begon goed en ik wist tijdens de eerste 8 wedstrijden vele races te winnen, er volgden 2 races waarbij ik wat problemen kende maar wel de leiding in de tussenstand van het klassement behield. De laatste wedstrijd voor de zomerstop kwam ik hard ten val waarbij ik een schouderblessure opliep, gelukkig had ik een aantal weken om te herstellen maar ik begon niet volledig fit aan de laatste wedstrijden van het seizoen. De wedstrijden verliepen goed, alleen kon ik ze niet meer zo domineren zoals ik aan het begin van het seizoen deed, waarschijnlijk een combinatie van een herstellende blessure en toch wel druk om het kampioenschap dit jaar binnen te halen. Tijdens de voorlaatste wedstrijd van het seizoen kon ik het Nederlands Kampioenschap behalen maar daarvoor moest ik wel in de beide wedstrijden in de top 5 eindigen. In de week voorafgaand aan de wedstrijd werd de spanning steeds groter en op de wedstrijddag zelf had ik moeite om op mijn eigen niveau te presteren. Tijdens de wedstrijden kon ik de spanning gelukkig een goed plekje geven en met 2 keer een 3e plaats mocht ik me dan Nederlands Kampioen noemen. Er viel een grote druk van mijn schouders af en tijdens de laatste wedstrijd van het seizoen presteerde ik weer als vanouds en wist ik beide wedstrijden op mijn naam te schrijven.”

Dennis met nr 22 in de GT bocht, 2016.

Voor degene die niets van motorsport weet: hoe train je precies voor deze tak van sport, welke componenten krijgen de meeste aandacht en wat doe je bijvoorbeeld met voeding?
Dennis: “In Nederland is het erg lastig om continue op de 2 permanente circuits in Assen en Zandvoort te trainen, hier hebben ze veel last van klagende omwonenden die het geluid van brullende motoren niet ideaal vinden.

In landen zoals Spanje en Italië hebben ze verschillende circuits waar dagelijks gereden kan worden en dit is dan ook wel te zien aan de nationaliteiten van de coureurs die meerijden in het Wereld Kampioenschap.

Het trainen op de motor wordt dan voornamelijk gedaan op de vrijdag voorafgaand aan de wedstrijd, tijdens een circuit dag door de weeks of op een circuit in het buitenland. Afgelopen jaar ging bij mij vanwege mijn opleiding aan de KMS & VTO 01 de voorkeur uit naar de vrijdag voor de wedstrijd. Daarnaast is het trainen van het uithoudingsvermogen en kracht ook zeker wel een belangrijke component om goed aan de start te verschijnen van een weekend, omdat een wedstrijd meestal een half uur duurt en je continue in beweging bent om jezelf van links naar rechts op de motor te bewegen. Voor krachttraining train ik niet specifiek een bepaalde spiergroep maar meer mijn gehele lichaam, waarbij voornamelijk het accent ligt op de core van het lichaam. Omdat ik veel moet bewegen op de motor is het belangrijk dat mijn buik- en rugspieren goed getraind zijn, we maken namelijk veel korte bewegingen van links naar rechts bij het omleggen van de motor in de bochten. Daarnaast moeten de benen ook getraind worden omdat we in de bochten kracht moeten zetten op de voetsteunen om de motor in balans te houden en op de juiste rij lijn te komen, dit gebeurd in combinatie met het opendraaien van de gashendel.

Met betrekking tot voeding heb ik niet een speciaal dieet wat ik volg, natuurlijk kijk ik wel wat ik eet in de aanloop naar een raceweekend toe. Zo is het belangrijk om goed te eten en te drinken in de uren voordat ik op de motor stap voor een training of wedstrijd, onbewust verlies je een hoop vocht en lever je een hoop energie tijdens het rijden wat je weer moet bijvullen tussen of na een training of wedstrijd.”

Komend seizoen hoopte je op een wildcard voor deelname aan de World Supersport 300 wedstrijd tijdens de World Superbike in Assen. Dit is helaas niet gelukt, maar waarom was die wildcard zo belangrijk voor je?
Dennis: “De afgelopen 2 seizoen en ook aankomend seizoen ga ik deelnemen aan de KTM RC390 Cup, hier rijden alle coureurs op een standaard KTM RC390 motor die verzegeld is om fraude tegen te gaan. We rijden verschillende wedstrijden op circuits in Nederland, Duitsland, België, Spanje en Frankrijk, waarbij er rijders uit verschillende landen mee doen wat startvelden van ruim 45 deelnemers oplevert. Tijdens het afgelopen seizoen heb ik verschillende goede resultaten geboekt waarbij ik in Nederland streed voor de podiumplaatsen en tijdens de internationale wedstrijden meedeed voor een positie in de top 10. Aan het einde van het seizoen werd bekend dat de World Superbike organisatie een klasse ging oprichten waarbij verschillende 300cc motoren de strijd met elkaar aan gaan tijdens verschillende wedstrijden in Europa tijdens de World Superbike wedstrijden. Het doel was om een kampioenschap op te richten waarbij KTM, Kawasaki, Honda en Yamaha met hun 300cc motoren konden deelnemen, de coureurs konden zo via deze weg de stap van het nationale niveau naar het wereldniveau maken en later eventueel doorgroeien naar de 600 of 1000cc motoren.

Mijn doel was om tijdens het Nederlandse evenement in Assen, eind april, met een wildcard deel te nemen in de World Supersport 300 klasse met mijn KTM om zo mezelf te meten met de rijders uit de gehele wereld. Helaas kwam eind januari het bericht van KTM naar buiten dat ze zich teruggetrokken hebben uit deze klasse omdat ze het niet eens konden worden over de reglementen in de klasse.

Doordat KTM nu niet meedoet aan het kampioenschap is het helaas voor mij niet mogelijk om met mijn KTM mee te doen aan deze wedstrijd.

Gelukkig rijdt de KTM RC390 cup zelf tijdens dit evenement op Assen in het bijprogramma mee, waardoor ik daar nu gewoon aan de start zal verschijnen en mijn uiterste best ga doen om een mooie prestatie neer te zetten!”

Je bent nu sinds medio vorig jaar sportinstructeur. Ben je door je (gevarieerde) werkzaamheden beter geworden voor je motorsport of heeft het werk een dusdanige impact dat je minder presteert?
Dennis: “Doordat het seizoen al was afgelopen toen ik mijn VTO 01 opleiding afrondde, is het nu moeilijk te zeggen of mijn werk als sportinstructeur er invloed op heeft. Wat ik tijdens het afgelopen seizoen wel gemerkt heb, is dat het lastig is om een vast trainingsprogramma aan te houden waarbij ik voor mijn KMS tijd standaard 3x per week aan conditietraining en 2x per week aan krachttraining deed. Door de wisselvallige weken met bivak en cursussen tijdens de KMS en de VTO opleiding merk ik wel dat mijn uithoudingsvermogen achteruit is gegaan, omdat de prioriteit op het behalen van mijn opleiding lag en het trainen voor het motorracen wat minder belangrijk was. Sinds het behalen van de VTO 01 opleiding ben ik weer aan het trainen om in top conditie aan de start te verschijnen als in april het nieuwe seizoen gaat beginnen. Daarbij denk ik dat het werk als sportinstructeur prima te combineren valt met het beoefenen van motorsport, en ik heb ook de indruk dat mijn werkzaamheden mij gaan helpen om nog fitter te blijven tijdens het seizoen.

The all time favorit van Dennis

Wie is je all time favorit en waarschijnlijk de coureur waardoor jij beïnvloedt en het meest geïnspireerd bent geraakt?
Dennis: “Mijn favoriete coureur is zonder twijfelen Valentino Rossi, hij is 9-voudig wereldkampioen bij de MotoGP, het hoogst haalbare kampioenschap binnen de motorsport!
Zijn topjaren begonnen eind jaren ’90 waarin hij vrijwel alle wedstrijden wist te winnen en meerdere jaren achter elkaar kampioen werd, als jongetje van 8 jaar kan je dan niet anders dan fan van hem worden.
Na een aantal mindere jaren strijd hij sinds de afgelopen 2 jaar weer mee om zijn 10e wereldtitel binnen te behalen, echt een all time favorit dus!

Daarnaast volg ik de resultaten van de Nederlanders topcoureurs Michael van der Mark (World Superbike) & Bo Bendsneijder (Moto 3 in de MotoGP) natuurlijk op de voet. Samen met Michael en Bo heb ik voor mijn KMS tijd veel getraind, waardoor zij toch ook wel mijn favorieten zijn binnen hun eigen klasse! Laten we hopen dat zij in de komende jaren de Nederlandse motorsport nog beter op de kaart zullen zetten met mooie resultaten en misschien wel een kampioenschap!”

Publicatiedatum: 16 februari 2016