Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 


MET DE POLLEPEL GESCHREVEN
DEEL 15 : JORIEN TER MORS, EEN PROGRESSIEF SCHAATSTER

Door columnist Indy van de Poll

Ik kan mij nog vaag herinneren dat ik in een eerdere column – ik dacht dat het Taekwondau was – eens heb laten vallen dat Jorien ter Mors een vergelijkbare haardracht heeft met het in het afgelopen jaar overleden popicoon, David Bowie. Op de albumcover van de plaat Aladdin Sane is de overeenkomst tussen de extravagante Brit en de op de middellange afstand heersende schaatsster uit het oostelijke Enschede bijzonder groot. En ik zal uiteraard niet zeggen dat Jorien ter Mors wegens haar uitzonderlijke capaciteiten tot laagvliegen op ijzers, als ze zo door gaat waar ze afgelopen jaren mee bezig was, richting het niveau van David Bowie gaat – grootheden in twee verschillende werelden zijn nou eenmaal erg lastig te vergelijken. Maar als Ter Mors rake klappen op de voor sommigen soms zo ellenlange kruising blijft verkopen – zoals Martin Hersman dat altijd deskundig beschrijft tijdens de sportuitzending van de NOS –, durf ik te zeggen dat ze zichzelf binnen twee Olympische Winterspelen in een illuster rijtje kan voegen. Want zo lang gaat de nu zevenentwintigjarige Ter Mors waarschijnlijk nog wel mee.

Ook zal haar naam in dat rijtje niet enkel verschijnen vanwege al dat (toekomstige) goud op de Spelen. Het feit dat ze haar aanzienlijk hoge niveau in twee verschillende sporten heeft weten te realiseren, zal daar ook een belangrijke factor in zijn. Ik kan mij namelijk nog enorm goed een beeld voor de geest halen – we schrijven februari 2014, Sotsji, Rusland – waarop Jorien ter Mors op haar zwarte Cannondale met een oranje trainingsjack aan en een pasje om haar nek van de ene schaatshal naar de andere schaatshal fietst, haar rode haren dansend in de wind.

Ze moest die dag zowel op de hoge shortrackschaatsen, als de inmiddels vertrouwde klapschaatsen in actie komen. En waarom? Omdat ze kans op eremetaal had op allebei de disciplines. En omdat haar hart lag op de shorttrackbaan. Wanneer je echter naar haar kijkt, dan vraag je jezelf natuurlijk af wat ze daar nou toch te zoeken had?! Een lange slungel die zich in een veld vol met kleine Koreanen en vaak (enkel volgens hun nieuwe paspoort) vinnige Russen en Hongaren door die veel te krappe bochten probeert te wurmen omdat haar hart daar ligt. En zo bleek maar weer dat het gevoel het maar al te vaak wint van het verstand. Zelfs iedere schaatsleek kan namelijk concluderen dat de ruim één meter tachtig lange Ter Mors gemaakt is voor de langebaan. Dat dat de plek is waar al haar kracht het beste tot zijn recht komt en ze juist niet gemaakt is om te pielen in de kleine ruimte – je zet Tommie Beugelsdijk in godsnaam toch ook niet op 10 bij ADO. En dit in een team om haar heen met een coach die de naam heeft van zwemmend zoogdier, een Friese testosteronbom met net even een wat te losse middelvinger omdat goud voor hem het enige is wat telt, en de slechts negentienjarige Suzanne Schulting die zich in iedere bocht smijt onder het motto ‘de dood of de gladiolen’ – of zoals Louis dat zou zeggen: ‘The dead of the gladiolus.’

Overigens is het ook Ter Mors’ uitermate intrigerende persoonlijkheid die zijn steentje bij zal dragen aan het behalen van dat illustere rijtje. De vrouw die bloedserieus in de camera van Bert Maalderink weet te verkondigen dat ze haar zojuist in een record behaalde Olympische gouden plak op de koningsafstand zonder enige twijfel en met alle liefde in zou willen ruilen voor een medaille – wat voor kleur het ook mocht zijn – in de Russische shorttrackhal. Dit waar vervolgens de gehele langebaanwereld, met de soms iets te gevoelige Erben Wennemars voorop, over viel. En dat was juist het mooie! Ze won dat goud op de vijftienhonderdmeter met twee handen op haar rug. Jorien ter Mors doet het lijken alsof het allemaal zo bizar weinig moeite kost. Het speelse gemak waarmee ze die rake klappen uitdeelt op die kruising, dat maakt de kampioen.

En ergens in november las ik het in de krant: ‘Jorien ter Mors stopt met shorttrack.’ Ze luisterde naar haar verstand en ze gaat doen waar ze het allerbeste in is. En wat voor mening je ook hebt over Ter Mors, en wat de deskundige oud-schaatsers ook van haar denken, als er iets is dat ze doet, is het dat ze leven in de brouwerij brengt! Jorien ter Mors neemt het geweld van de kleinschalige shorttrackwereld mee richting de grote hal. Naar de saaie, eentonige en beduidend minder spectaculaire langebaancultuur. Zoals Bowie dat destijds was voor de popmuziek, is nu Jorien ter Mors dat voor de langebaan.


Publicatiedatum: 09 januari 2017