Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 

INTERVIEW JULIUS BREINBURG

Door: Paul Lindeboom

Vraag Rik van Trigt naar Julius Breinburg en je hoort dat enthousiaste verhaal over de opleiding van de D/F klas, waarbij bovenop de toren een kolossaal grote Breinburg de cursisten ongenadig op hun falie geeft. In de praktijk blijkt Julius Breinburg minder groot en breed te zijn, maar aan alles is merkbaar dat dit vroeger wel een mannetjesputter geweest moet zijn. Ondanks zijn inmiddels gevorderde leeftijd (71 jaar geleden geboren in Paramaribo) maakt hij een zeer patente indruk en oogst bewondering voor zowel zijn vroegere als huidige sportactiviteiten.

Je hebt zeer uiteenlopende functies vervuld, van sportinstructeur bij het KCT in Roosendaal tot HI op het Instituut Defensie Leergangen (IDL) . Op welke functie kijk je met de meeste plezier terug?

“Met ingang van december 1970 werd ik na het slagen op het SMLO (Hooghalen) geplaatst bij het Korps Commando Troepen waar ik in 1965 opgekomen was als Dpl asp Sergeant. Op 26 januari 1966 mocht ik de Groene Baret in ontvangst nemen. Via het KVV-schap uiteindelijk toch gekozen voor een Beroepsopleiding in Weert en De Isabella kazerne in Den Bosch.

Tijdspanne

Opleidingen (Mil)

Opleidingen Civiele (deels)


1970

LO&S instr. bij het KCT.

In 1973 naar België gestuurd om daar de cursus Rotskliminstructeur (Cordelet Rouge) te volgen: Ik werd daar opgeleid als Voorklimmer nadat ik eerst (alsnog) ook de Belgische Commando opleiding had volbracht. Het enige leuke hiervan was dat ik op afmatting mocht naar Corsica, dit eiland heeft toen al mijn hart gestolen.

Ook heb ik aan de wieg gestaan bij het ontwikkelen van de MZV cyclus. Samen met de Hoofd sportgroep van het KCT hebben wij ons 6 weken iedere zaterdag mogen bekwamen in het ‘vechten’ met/tegen de Europees Kampioen (ene Emmerich), zowaar een fysiek hele zware taak. Echt veel geleerd en zeker toen was ik gek op fysieke inspanningen.

In het bezit van Diploma Handbal Oefenmeester alvorens naar SMLO; achtereenvolgens: Atletiektrainersdiploma; Sportmassage, Voetbaltrainer, Bokstrainer, Rugby Oefenmeester (Level IV + IRB) waarvan de meeste diploma’s in Engeland (+ Wales + Schotland; Frankrijk Niveau II) bij grote clubs gehaald en (dus) gewerkt. Tijdens het WK in Nieuw Zeeland ook daar een trainerscursus gevolgd nadat ik in Zuid-Afrika een Niveau III cursus heb gevolgd. Prettig om te vermelden dat het KCT (LO&S bureau) de allereerste WARRIORS CUP in Roosendaal heeft georganiseerd en gewonnen!!!Daarna is het enigszins in de vergetelheid geraakt en heeft Iet Bakker dat weer opgepakt wat heeft geresulteerd in de huidige vorm. Hetgeen ik ook weer drie maal (als Coach) heb gewonnen. Vorig jaar is deze gewonnen (Beginners) door de KMA alwaar ik nu trainingen geef in mijn vrije tijd.
Via het Korps Mariniers diploma Krachttrainer gehaald.

Het meeste gedaan met Rugby. Verschillende Topteams getraind: O.a. Roosendaal Commando Combinatie; The Dukes, HAAGSCHE, DIOK, Oisterwijk, Ned Selecties, < 16; < 19, B-selectie, Trainer van de backs, daarna de Dames Selectie, waarmee deelgenomen aan de WK te Barcelona 2002.

Topsportcoördinator van de NRB en Hoofd Opleidingen(Technisch Directeur NRB)

Hoogtepunten: Met het Sevens Team als coach, deelname aan de Hong Kong Sevens met een team waarin mijn beide zonen speelden. Landskampioenschappen waaronder 7 X met de Dames: THOR. Studenten uit Delft.

1982

LO&S instr Kpl van Oudheusdenkazerne



1983

Terug naar het KCT



Hierna vertrokken naar de Kromhout Kazerne via Seeligkazerne (OCOSD), OCLO Ossendrecht en Ede om vervolgens op het IDL geplaatst te worden. Dit was in 1996 alwaar ik Defensie in 2000 heb verlaten (FLO). Daarna Technisch Directeur geworden bij de Nederlandse Rugby Bond en heb ik Delftse Studenten tot 2005 getraind, we zijn gepromoveerd naar de ERE klasse en hebben het Internationaal Toernooi in Madrid gewonnen.

Vanwege het vormende karakter bij (vooral) de jeugd moge het duidelijk zijn dat de Rugbysport voor mij een passie betekent. Al zeg ik het zelf: Passie/Beleving (maar vooral genieten, vandaar mijn optimistisch karakter, althans dat hoor ik in de wandelgangen) is voor mij heel belangrijk, dit werd ook bij mijn afscheid gezegd door enkele sprekers. Helaas waren deze niet van de LO&S Organisatie. Dit las ik ook terug op de oorkonde die ik mocht ontvangen tijdens mijn Ridderschap van C–KCT.

In 2013 werd Julius geridderd.

Ook op het IDL zat ik erg goed. Vele lessen van (toen) HMV mogen volgen; veel, heel veel van opgestoken. Ook vrienden aan overgehouden. Ook de toekomstige Legerleiding het belang van fysieke training kunnen bijbrengen, voorzover zij dat of vergeten waren of gewoon niet deden. Gelukkig had ik de toenmalige Commandant HEEL ERG mee!!!!”

Twee jaar geleden zag ik je in Amsterdam tijdens het NMK Rugby. Het leek er op dat je trainer of coach was van een ploeg. Kun je vertellen wat je nog actief in de Rugbysport doet en hoe je zo in die functie gerold bent?
“Uit bovenstaande blijkt dat het Rugby een voorname plaats in mijn sportleven heeft ingenomen. Veel heb ik geleerd, trainerscursussen in Groot-Brittannië mogen en kunnen volgen met niveau IV als resultaat. Indien iemand de Rugbysport bedrijft onder mijn leiding zal ik hem altijd voorhouden dat hij sport bedrijft waarbij discipline en fitheid een voorname plaats innemen, misschien wel de belangrijkste plaats. Ik ben daartoe samen met John Kenbeek (Kapitein der Mariniers) naast de (vooral) technische trainer de fysieke trainer geweest van de selecties.
Ik zal niet snel meer een senioren team trainen. Indien een vereniging mij vraagt de jeugd klaar te stomen voor het grote werk zal ik daar zeker toe bereid zijn. Ik vind dat die nog te vormen zijn. Zelf vind ik het als trainer jammer dat je niet wekelijks speelt (met de KMA) maar slechts een paar hoogtepunten per seizoen hebt. M.a.w. de doelen die je wilt halen en stelt zijn duidelijk anders, omdat er te weinig meetmomenten zijn. Dit jaar met een compleet nieuw team (eerste jaar cadetten!!) toch weer een prijs gehaald op het NMK.“

In de prijzen met het team van de KMA

Tijdens de Dienstvakdag vertelde je mij dat je die week ervoor nog bij een boksevenement aanwezig was, met onder andere Arnold Vanderleijde en Pedro van Raamsdonk. Op dat moment werden we onderbroken in ons gesprek en kon ik niet vragen hoe je daarbij betrokken was geraakt en wat je in de bokssport doet en deed. Kom nu maar op met je verhaal.
“Indien je mij toestaat zal ik eerst even een correctie aanbrengen. Ik was NIET die week ervoor bij een Boksevenement aanwezig. Echter, ik heb toen via John Kenbeek contact gehad met de Ned. Boks Bond (NBB). De persoon die ik toen (met John Kenbeek) gesproken heb, had in het verleden samen met mij in de Militaire Boksploeg gezeten. De NBB had vele jaren geen bokstrainers opgeleid. (In totaal 96 man moesten aan de slag.) Daar ligt m.i. een uitdaging voor een opleider!! De boekwerken waren van ongeveer begin van de jaartelling. Echter, de techniekomschrijvingen waren wel hanteerbaar. Samen hebben wij toen twee dagen op zijn bureau (in Rotterdam) en mijn woning gesproken en tenslotte het Module systeem ingevoerd. Het heeft gewerkt. Boksers waren er genoeg, echter geen ‘lesgevers/trainers’. In ieder geval hebben wij geprobeerd daar iets aan te doen. Gevolg: 84 geslaagden waarvan 20 Jeugdtrainers. Mooi, 64 bokstrainers/coaches die daarmee de bevoegdheid kregen aan de boksring te mogen staan of een boksschool mochten runnen/leiding geven.”

 Je mag een opstelling maken van de best, mogelijke sportgroep. We stel je op als Cdt sportgroep, wie als HI en wie als sgt – sportinstructeur? 
“Voor mij GEEN moeilijke vraag. Ik zou niet een Cdt aan wijzen, ook geen HI en geen Sgt Sportinstructeur. Wij zijn allemaal opgeleid als LO&Sportinstructeur. De ene is goed in atletieklessen, de ander in spellessen. Ik geloof heilig in wat je graag doet, doe je meestal ook goed. Dus de lessen boven water halen en vervolgens kijken wie er wel/niet is, vervolgens maken de mensen de planning v.w.b. het lesgeven. Een persoon gaat de hort op/ vertegenwoordiging naar buiten en uiteindelijk zal er een zijn die de totale verantwoording draagt. Met elkaar bewaken wij de kwaliteit van het product. Collegiale consultatie was in deze een heel groot goed.”

Je zag er voor een man op leeftijd nog zeer patent uit. Op welke manier blijft Julius Breinburg anno 2017 nog fit?
“Gewoon plezier hebben in wat je doet en meemaakt, en vooral waar je zin in hebt. Heb ik overigens altijd gedaan. Toe ik nog jong en fit was (ha, ha) ging ik nagenoeg iedere dag trainen. Geen ellenlange afstanden, geen duurlopen. Kruispuntenloop is mijn ding. Hoef je ook niet zo ver weg. De Rucphense Heide heeft ook mul zand. Mijn favoriete stek!! Achter de (gewezen) handgranatenbaan!!! Veel goede en minder goede herinneringen. Af en toe (nog steeds) buiten slapen, open lucht is erg prettig maar vooral gezond. Goed eten. Koken is mijn thuis hobby. Ik kook iedere dag en warm eten. Géééén Pasta, hoewel vandaag wel spaghetti; op verzoek van mijn vrouw. Die vind het lekker. Wij hebben buiten een Pizzaoven. Wanneer mijn vrouw pizza maakt, ga ik heel demonstratief BBQ’n, en hoe! Indien wij visite hebben, komen zij uiteindelijk toch van mij snoepen. Lachen toch! Heb vooral veel lol in dit leven. Ik vraag er altijd om en heb dan ook veel lol. Zelden chagrijnig. Echt zelden. Natuurlijk ben ik wel eens teleurgesteld. Wij leven altijd naar het volgende doel. Binnenkort een weekeindje via Brugge naar Frankrijk een goede rugbywedstrijd bekijken en weer terug. In november hebben de Dames (Kooij en Breinburg, Gert Jan Kooij en ik zijn al heel lang vrienden) voor ons een weekeindje Schotland gepland (Edinburgh). Daar gaan wij naar de wedstrijd Schotland tegen Samoa kijken. Dan weer de muntjes tellen, om begin van de zomer mijn tante in Suriname te gaan bezoeken en vervolgens enkele dagen naar Curaçao. Mooi toch. Het idee alleen al word ik vrolijk van.”

Julius Breinburg met o.a. zijn twee rugby-zonen


Publicatiedatum: 08 oktober 2017