Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 

 

 

Periode 2005-2009

Kolonel Nico Spreij (30 maart 2005 - 17 september 2009), volgt Kol Rob Zimmermann op.

Foto 002 Groepsfoto

Foto 006 Nico Spreij

 

Nico Spreij begint in januari 1974 zijn militaire carrière als dienstplichtige op de School Reserve Officieren Infanterie te Ermelo. Na acht weken heeft de opleiding voortgezet bij het Korps Commando Troepen.

Na de Elementaire Commando Opleiding (ECO) vervult hij zijn dienstplicht als plaatsvervangend pelotonscommandant bij 104 Waarnemings- en Verkenningscompagnie. Zijn sportieve karakter was ook de leiding van het Korps Commando Troepen niet ontgaan en ze boden hem de functie aan van Commandant LO/Sportgroep.

Na opleiding tot LO/Sportofficier iop de SMLO n Hooghalen vervolgd hij zijn diensttijd in de nieuwe functie bij het Korps als Kort Verband Vrijwilliger (KVV’er) in de rang van tweede-luitenant. Dit bevalt zo goed dat hij een verzoek indient om over te gaan naar de categorie Beroeps Onbepaalde Tijd (BOT’er) binnen de LO/Sportorganisatie. Het verzoek wordt afgewezen aangezien een rechtstreekse overgang van KVV’er naar BOT’er in die tijd niet meer mogelijk was.

Het beklimmen van de Mont Blanc met nog drie collega commando’s in juni 1977 en de daarmee gepaard gaande positieve landelijke publiciteit voor de KL bracht tot zijn eigen grote verbazing de beslissers tot inkeer. Na terugkeer uit Chamonix stond hij een week later in Den Haag om te horen dat hij per 1 november 1977 kon instromen als korporaal op het Opleidings Centrum Officier Speciale Diensten (OCOSD) in Breda, direct gevolgd de studie op de Academie voor Lichamelijke Opvoeding in Den Haag.

Na zijn studie start hij in 1981 als C-LO/Sportinstructiegroep Seeligkazerne in Breda. In 1989 wordt hij rayon LO/Sportofficier Utrecht en in 1991 plaatsvervangend Hoofd Lichamelijke Oefening/Fysieke Training. In 1993 was het dringende advies van de toenmalige S1, maj Jan Pasmen om de functie Districtscommandant Havelte te aanvaarden. Goed voor zijn loopbaan en een bevordering tot majoor.  De kapitein Spreij bedankte voor de eer en voelde zich prima in een rol waarin hij beleidsmatige randvoorwaarden voor de LO/Sportorganisatie mede mocht ontwikkelen en bezig kon blijven vaktechnische ontwikkelingen voor het LO/Sportpersoneel. In 1994 vertrekt hij naar Ossendrecht om daar de functie van Hoofd Opleidings Zaken van het Opleidings Centrum Lichamelijke Oefening te vervullen. Na een korte inwerkperiode werd hij ook wnd C-OCLO omdat de C-OCLO, lkol Maaswinkel, zich volledig moest gaan bezighouden met het LOPRO (lloopbaan project LO/Sport). In 1996 volgt weer een plaatsing op de staf van de LO/Sportorganisatie, waar hij verschillende functies vervult binnen het Kennis- en Opleidingscentrum.

Per 1 september 2004 vervult hij de functie Hoofd Sectie 3 tevens Chef Staf om met ingang van 30 maart 2005 de functie van C-LO/Sportorganisatie over te nemen.

Samen met Rob Zimmermann, de architect van het dienstvak LO/Sport, heeft hij de kar getrokken en mede de koers bepaald. Hij vindt het een uitdaging om onze verworven positie binnen de KL de komende jaren zo mogelijk te verstevigen.

Veranderingen

“Als ik terugkijk naar mijn eigen fantastische tijd op de LO/Sportgroep dan is er sinds die tijd toch wel wat veranderd. Dat heeft alles te maken met de professionele ontwikkelingen in ons vakgebied. Toen het personeel midden jaren tachtig voor het eerst een verplichte bijscholing fitness moest volgen was er nogal wat weerstand. Ook de verplichte kennismaking in theorie en praktijk met het fenomeen GVA begin jaren negentig werd in eerste instantie met gemengde gevoelens ontvangen. Ik denk hier aan het ondergaan van het programma op de Rilland brug vlak bij het OCLO. Met name de ouderen stonden nu niet direct te trappelen om dit te ervaren. Nu is het heel gewoon om jaarlijks bijgeschoold te worden, een symposium te bezoeken of een opleiding te volgen. Je investeert in jezelf, je toekomst en je wordt ook voor de organisatie waardevoller. De kwaliteit van het personeel en onze producten is er een stuk beter door geworden. Het ongewapend gevecht van vroeger staat bijvoorbeeld in geen verhouding tot de militaire zelfverdediging van tegenwoordig. We kunnen het in de LO/Sportorganisatie niet meer af met uitsluitend algemeen opgeleide LO/Sportinstructeurs. Verdieping in diverse richtingen is een must. Als militair specialist overleggen we intensief met de eenheden, adviseren de commandant op het gebied van belasting en belastbaarheid en ondersteunen hem, ok tijdens oefening, met de uitvoering. Dat is een gouden stap geweest.” Toch kunnen we er in zijn ogen nog veel meer uithalen.

Vorming

In gedachten gaat hij even terug naar zijn periode als sportofficier op het Korps Commando Troepen en terugkijkend concludeert hij nu dat hij toen niet bewust bezig was met de mentale vorming: “We waren acht weken aan de gang en de sterkste bleven over. Mentale scenario’s waren er volop in de ECO , maar het was niet planmatig, te ad  hoc. We zijn nu een stuk verder. Nu worden mentale aspecten bewuster gepland  om een bepaald gedrag te ontlokken bij mensen. Net zoals we de gewone trainingen plannen moeten we ook de vorming plannen. Hier is nog heel veel winst te behalen voor ons en daarmee ook voor de eenheden / individuen.”

Militaire ervaring

De LO/Sport en eenheden smelten steeds meer samen en ook het personeel van onze organisatie beweegt zich steeds dichter naar het militaire werkveld. “Ik hecht eraan om, in het belang van de organisatie, in de toekomst met LO/Sportinstructeurs te gaan werken die militaire ervaring hebben. Militaire ervaring opdoen kan door als tiende groepslid met een scherfwerend vest en uitrusting een oefening te draaien. Dan gaat er een wereld voor hem open, wat leidt tot nog betere trainingsprogramma’s. Kijk wij adviseren commandanten vaak, in het kader van voorbeeldfunctie, om mee te sporten met de mannen. Maar andersom kunnen wij dat voorbeeld ook geven. Heb als C-LO/Sportgroep het lef om de instructeur een keer als deelnemer mee op oefening te sturen. Je bent de instructeur misschien een week kwijt, maar je krijgt er enorm veel voor terug. Een volgende stap is dat we naar een in-door en uitroom beleid gaan waar LO/Sportpersoneel ook buiten de LO/Sport functies gaat bekleden. Voor deze laatste stap heb ik nog niet iedereen kunnen overtuigen van het nut en belang voor de organisatie en het het individu.

Voorbeeld

Nico Spreij is pragmatisch ingesteld en een man van de praktijk die  graag aan den lijve ervaart wat waar we mee bezig zijn. Ondanks zijn rang slaapt hij bij een bezoek aan bijvoorbeeld een GVA/AT oefening liever in een iglo met de instructeurs dan in een kamer op de kazerne. “Ik zou geen dingen weten die we in gang hebben gezet die ik zelf niet aan den lijve heb ondervonden. Ik zie en ervaar graag van dichtbij wat onze instructeurs  meemaken en doen met anderen om daar een oordeel over te hebben. Het zelf hebben ervaren heb ik altijd als winst ervaren in de discussies met de mensen uit de praktijk en bij het nemen van beslissingen”.  

KL richting 2020

Begin 2005 heeft de Bevelhebber der Landstrijdkrachten zijn visie op het landoptreden bekend gemaakt.  De  Nederlandse krijgsmacht evolueert naar een expeditionaire krijgsmacht  die in het hele geweldsspectrum wordt ingezet om nationale belangen te verzekeren. Daarbij is Nederland bereid om militaire risico’s met partners te delen. De rol van de gevechtssoldaat is en blijft de sleutel tot het succes. Hij is de enige die in staat is overal te komen, zijn optreden ter plekke aan te passen en keuzes te maken. Fysiek en mentaal fitte kerels met de wil om te winnen onder extreme omstandigheden is nog belangrijker geworden. 

Aangezien er geen sprake meer is van een geïsoleerd gevechtsveld, zijn gevechtsoperaties en wederopbouw activiteiten niet van elkaar te scheiden. Alle eenheden, commandanten en individuen dienen dus in staat te zijn om een ‘three block war’ (humanitaire-, vredeshandhavende – en gevechtsoperaties lopen door elkaar) te kunnen voeren. Three block war vereist dus dat militairen in staat zijn zich snel en naadloos psychisch te kunnen aanpassen aan sterke variaties in dreigingniveaus.

Met deze veranderingen verdwijnt ook de functie van Bevelhebber der Landstrijdkrachten en wordt het Commando Landstrijdkrachten (CLAS) opgericht dat direct wordt aangestuurd door de Commandant der Strijdkrachten. Er verdwijnt dus een tussenlaag en er gaan taken naar de Bestuursstaf en naar het CLAS. OTCO zal als geheel onder het CLAS schuiven en er komt een nieuw OTC bij (OTC Operatien).

Koers LO/sportorganisatie

Bij zijn aanstelling als C-LO/Sportorganisatie zei kol Spreij o.a. dat onder zijn voorganger kol R. Zimmermann een heldere koers is ingezet waar we gewoon op voortborduren.  ‘Niet nieuw, wel beter. Dus wel blijven investeren. We moeten namelijk blijven excelleren en dingen doen, die anderen niet kunnen of niet zo goed doen als wij”.

Met de nieuwe toekomstvisie van de KL kunnen we gelijk accenten leggen door in ieder geval te investeren in Optreden in Verstedelijkt Gebied, Militaire Zelfverdediging, actualisering trainingsprincipes, vorming en Lessons Learned (uitzendingen).

Invoering LO/Sportreservist.   

Het veranderproces bij defensie brengt ook een koerwijzigng met zich mee voor de reservisten. Defensie besluit in 2006 het arsenaal aan reservisten drastisch te verminderen. Van de vijftig- tot zestigduizend reservemilitairen blijven er circa 5600, waarvan 3800 bij de Koninklijke Landmacht, over. Ze  moeten aan dezelfde (fysieke)eisen gaan voldoen als de beroepsmilitair. Dit heeft dus consequenties voor hun Opleidings- en Trainingstraject en een rol voor LO/Sportpersoneel. Op 8 februari 2007 zijn de eerste twee LO/Sportreservisten door de kol Rob Sondag aangesteld. In totaal zijn er 15 functies verdeeld over 5 LO/Sportgpn. De functies worden gevuld door oud-LO/Sportinstructeurs en dragen bij aan de fitheid van de reservisten. Ook op gebied van LO/Sport kunnen we met recht spreken van “voor de reservist, door de reservist”.  Medio 2009 zijn alle functies gevuld en verloopt de samenwerking met de Natresbataljons uitstekend.

LO/Sport in gravendienstpeloton

Op 9 maart 2004 is in de legerraad de beleidsstudie ‘Gravendienst’ vastgesteld. Vanaf 1 januari 2006 dient het gravendienstpeloton operationeel te zijn (gelijktijdig met oprichting 240 Denstencie). Hierbij heeft C-LO/Sportorganisatie een vullingsplicht van 31 van de 38 functies die als een soort neventaak worden aangemerkt. De samenstelling van de groep van LO/Sportpersoneel voor het gravendienstpeloton is: één luitenant (plv C), 6 sm’s (gpc) en 24 sgt’n 

De taak van het gravendienstpeloton bestaat uit het verzamelen, afvoeren en registreren van de doden. Identificeren hoort hier niet bij. Het gravendienstpeloton zal door OPCo paraat gesteld worden als de politiek besluit dat er een brigadetaakgroep deelneemt aan een risicovolle geweld- dadige missie, waarbij de verwachting is dat gedurende tien dagen (tijdens de daadwerkelijke gevechtsactie) enkele tientallen dodelijke slachtoffers per dag zullen gaan vallen.

Op 15 december 2006 is onder leiding van OTCLog de eerste opleiding gerealiseerd. Omdat er sprake is van een ‘30 dagen notice to move’  moet er frequent LO/Sportpersoneel worden opgeleid en bijgeschoold. Dit trekt een zware wissel op de LO/Sportorganisatie en het OTCLog. In 2009 is besloten de ’30 dagen notice to move’ los te laten en personeel aan te wijzen voor de opleiding en uitzending als de opdracht voor uitzending komt. Dit zal 6 weken voor vertrek zijn.

Nieuwe bijdrage aan missie

Bijdragen aan het opwerken van de uit te zenden eenheid tijdens de LO lessen en oefeningen is reeds jaren een onderdeel van ons werk. In juli 2006 start de missie in Afghanistahn en gaan we weer een stap verder in het bijdragen aan ‘train as you fight’ principe. In overleg met Trainingsgeneeskunde /Trainingsfysiologie (TGTF) is een acclimatisatie programma voor de missie  in Afghanistan opgesteld. Oud LO/S-instructeur elnt Bart Smit, op dat moment werkzaam bij TGTF, en LO/Sportinstructeur sgt1 Cees Duitenmeijer verzorgen de pilot op Kandahar Airfield. Het programma is zeer goed ontvangen. Besloten wordt dit structureel in te voeren. LO/Sportpersoneel  wordt belast met de uitvoering. Uit veiligheidsoverwegingen is het acclimatisatiedetachement in 2008 verplaatst naar in Al-Minhad in de Verenigde Arabische Emiraten.

Ook voor het adaptieprogramma op Kreta van terugkerende militairen uit het missiegebied maakt een LO/Sportinstructeuur structureel deel uit van de vast kampstaf.

Nieuwe systematiek Opleiden en Trainen (O&T)

Tot eind 2005 was er binnen O&T land een redelijk gescheiden zuilenstructuur: het OTCO was verantwoordelijk voor het opleiden van het individu en het Commando Landstrijdkrachten was verantwoordelijk voor het opleiden en trainen van groepsniveau tot en met de brigade. Met de reorganisatie van de KL en de veranderde taakstellingen wil men overgaan naar een integrale opgezette O&T voor de operationele eenheden.

O&T, gericht op het grootschalig conflict, moet worden aangepast aan het huidige en toekomstige optreden: overal ter wereld, onder alle omstandigheden tegen een vaak irregulier optredende tegenstander. Deze vernieuwde inzetopties vergen ook een daaraan aangepast O&T traject. De doelstelling van dit alles is te komen tot een integrale afstemming van de conceptuele –,cfysieke –en mentale component.

Met het eind 2005 uitkomen van de Leidraad Opleiden en Trainen (LOT) heeft C-LAS richting gegeven aan het O&T-traject binnen het CLAS. Fysieke vorming maakt integraal onderdeel uit van het O&T-traject. Om inzichtelijk te maken wat Fysieke Vorming is en wie waarbij betrokken zijn, heeft C-OTCO opdracht gegeven om het Handboek Fysieke Vorming (HB FV), inclusief IK FV en IK Vorming, samen te stellen. Het is de majoor Marien van de Eijnen, stafofficier doctrine KC LO/Sport die daar als projectofficier op een geweldige manier de kar heeft getrokken.

In 2008 is het HB FV gereed, worden er binnen de LO/Sportorganisatie verschillende bijscholingen verzorgd en zitten we in de fase van bewustwording van de nieuwe wijze van Fysieke O&T en de consequenties voor onze bijdrage bij de eenheden.  In 2009 zijn ook de loopbaanopleidingen en de meeste functiegerichte opleidingen voor het LO/Sportpersoneel onder verantwoording van de LO/Sportschool herzien en de docenten bijgeschoold om ook hun nieuwe rol als docent te kunnen uitvoeren. De verwachting is dat het nog een aantal jaren zal duren voor dat het volledig is ingebed bij de OTCa en operationele eenheden. 

Mentale vorming

In het kader van Mentale Vorming zijn we in 2005 begonnen met pilots in Bad Reichenhall (Zuid Duitsland). Eenheden met een maximum van 100 man krijgen een niet tactische oefening onder leiding van de LO/Sportorganisatie in het middelgebergte onder extreme omstandigheden (zomer/winter). In 2006 staat de oefening onder de naam “oefening Mentex” in het jaarplan van de eenheden opgenomen. Sinds 2008 zijn er ongeveer 35 weken per jaar wekenlijks 10-15 LO/Sportinstructeurs, waarvan 4 permanent, belast met de uitvoering van de oefening Mentex.

Militaire zelfverdediging (MZV)

Eind 2004 is een start gemaakt met het project “update MZV”. Het Kennis&OpleidingsCentrum investeert veel in onderzoek en verzamelen van kennis in binnen- en buitenland. Daarnaast was er een cursus Krav Maga van 3 weken voor de instructuers MZV o.l.v. Eyal Yanilov uit Israël, Hoofd van de IKMF (International Krav Maga Federation), tevens instructeur en cursusleider. Ook de cursus PATS (Psychology Attributes Tactics Skill) en de lessons learned van het operationele optreden hebben voor de nodige input gezorgd. De conclusies en aanbevelingen zijn verwerkt in de Handleiding MZV en vertaald in een bijscholing in 2006 voor de instructeurs MZV. Het is een prima trainings- en vormingsmiddel dat niet alleen meer tijdens de LO lessen wordt beoefend. Scenario’s en oefenvormen worden opgenomen in de opleidings- en trainingsactiviteiten van de eenheden waaronder het Optreden in Verstedelijkt Gebied in de Marnerwaard. Voor deze kwaliteitsimpuls is KOC veel dank verschuldigd aan de kartrekkers elnt Michel Ham en smi Johan Sanders (kwaliteitsbewaker MZV).

Personeel en organsiatie

Het waren bewogen jaren met continu veranderingen op het gebied van P&O. Onderstaand een aantal veranderingen.

Het oprichten van het Diensten Centrum Human Resources (DCHR) in april 2006.

Dit is het P&O loket voor alle defensiemedewerkers, lijnmanagers, commandanten. De bekende Sie 1 binnen de staf is hiermee verdwenen. De DCHR ondersteunt en adviseert, de commandant behoudt gelukkig de beslissingsbevoegdheid over personeelsaangelegenheden.

Onderscheid tussen BOT en BBT gaat verdwijnen met de invoering van het Flexibel Personeels Systeem (FPS).

Met ingang van 1 januari 2007 wordt iedereen aangesteld bij de Krijgsmacht en ondergebracht bij één van de OPCo’s. Invoering ‘up or out’ rond de 35 jaar. De einddatum FLO wordt opgetrokken naar 60 jaar met een overgangsregeling.  

OTCO 3300.

CLAS moet door diverse reorganisaties kleiner worden in 2007. C-OTCO kreeg op 1 juni 2005 de taakstellende opdracht om 215 VTEn in te leveren. De opdracht naar alle ondercommandanten was om ‘positief probleemoplossend’ aan de slag gegaan. Na een eerste terugkoppeling van de ondercommandanten besloot C-OTCO ieder OTC hetzelfde referentiemodel op te leggen in het kader van transparatie. Dit moest, naast de opgelegde reductie, leiden tot minder management en managementondersteunende capaciteit.

De L0/Sportorganisatie moet terug van 320 naar 302 functies. De meest ingrijpende veranderingen zijn:

  • Sluiting kazernes waarvan Lpl Seedorf op 31 oktober 2006 de meeste impact heeft op de reductie van LO/Sportpersoneel;

  • de regiobureau’s terug van 6 naar 1 persoon;

  • kleine LO/Sportgpn worden dependances van grote LO/Sportgroepen met als gevolg geen aooi;n meer als C-LO/Sportgp;

  • 12 topsportfuncties en 14 logistieke medewerkers t.b.v. de LO/Sportgpn erbij.

    Daarnaast moeten we de “niet CLAS locaties” en “niet CLAS eenheden op CLAS locaties ” afstoten. In theorie correct maar in de praktijk een slecht vooruitzicht voor veel militairen. De CDS heeft daarop om een defensiebrede beschouwing naar belegging sport gevraagd. Het reguliere reorganisatietraject wordt hierdoor ernstig vertraagd maar er wordt eindelijk serieus aandacht besteed hoe de LO/Sport verzorgd moet gaan worden op de niet CLAS locaties en niet CLAS eenheden op CLAS locaties.

    Ondanks de goedkeuring door de CDS op 24 mei 2007 van het LRP 1508 “Reorganisatie LO/Sportorganiatie” mogen we niet overgaan tot implementatie. De bonden houden het tegen omdat er nog steeds geen oplossing is voor LO/Sport voor militair personeel voor niet CLAS locaties en niet CLAS eenheden op CLAS locaties. Het opnieuw onder de aandacht brengen van een eerder voorstel van C-LO/Sportorgansiatie wordt alsnog overgenomen met als resultaat: uitbreiding met 15 functies voor de inrichting van de LO/Sportgp de Peel, Den Haag en KVOK en ondersteuning niet CLAS personeel op CLAS locaties. Op 15 oktober 2007 gaat de LO/Sportorganisatie formeel over in de nieuwe organisatie. 

    LO/Sportorganisatie en werving.           

    Mijn voorganger Kol Rob Zimmermann besloot na overleg met Werving&Aanstelling KL om per 1 januari 2005 een 7 LO/Sportinstructeurs beschikbaar te stellen voor de begeleiding van zowel de leerlingen op de ROCa die de instroomopleiding voor defensie volgen als de sportdocenten. Een belangrijk project en een uitgelezen kans om te bewijzen wat gstructureerde training daadwerkelijk voor effect heeft op de fyieke en mentale gesteldheid. De bijdrage moet leiden tot het voldoen aan de aanname eis voor de gevechtsfuncties. In 2006 wordt op ons verzoek ook de statische krachttest van W&S vervangen door de door TGTF ontwikkelde veldtest IOKL. Het Personeelscommando en de ROCa zijn zeer tevreden over de resultaten waardoor de LO/Sportorganisatie 7 extra functies in de otas krijgt voor dit project en de 7 geblokkeerde functies weer zijn opengesteld voor hun organieke functies.

    Sport

    Ook op sportgebied hebben zich in deze periode een aantal ontwikkelingen voorgedaan. Met de ombouw van Zware Militaire Vaardigheid naar Militaire Vijfkamp is er met het voldoen aan bepaalde eisen een officiele sportonderscheiding te behalen (militaire vijfkampkruis) dat door de uniformcommissie is erkend en bij officiele gelegenheden mag worden gedragen. Erica Terpstra reikt in juni 2005 de eerste Militaire Vijfkampkruizen uit tijdens het NMK Militaire Vijfkamp.

    In 2005 is voor de laatste maal het Parcours Militair georganiseerd. De reden was het al jarenlang veel investeren in een mooie organisatie, maar weinig deelnemers. Het Parcours Militair is vervangen door een Nationaal Militair Kampioenschap Survival Run wat een groot succes is (minimaal 400 militairen die deelnemen).

    Golf is de snelst groeiende sport in de wereld, maar ook bij defensie. Onder de bezielende leiding van Jan Maree en Joop Klinkenberg is, i.s.m. bureau O&TO, de opleiding “Instructeur Golf”  ontwikkelt en gerealiseerd. Het doel van het opgeleide personeel  is het laten kennismaken met de golfsport en op te leiden tot het niveau van het Golf Vaardigheids Bewijs. De animo bij het militair personeel is groot het Nationaal Militair Kampioenschap Golfen behoort al snel tot de grootste kampioenschappen die er worden georganiseerd.

    In 2008 is er de eerste  buitenbaan met natuurijs geopend. Dat heeft geleid tot het eerste Nationale Militaire Kampioenschap Schaatsen in februari 2009 met ruim 300 deelnemers.