Vrienden van het dienstvak LO&Sport
 
 
 
 

 

Periode 2002-2005 
C-LO/Sportorganisatie, kolonel Rob Zimmermann
volgt Peter Rommelse op

kol b.d. Rob Zimmermann, een profiel.
De geboren Eindhovenaar vervulde na zijn HBS-B zijn (verlengde) dienstplichtig bij het 17e Pantserinfanterie bataljon in Oirschot (1968-1971). Door de locale LO/Sportofficier werd hij op het spoor gezet van de LO/Sport. Zijn sollicitatie werd echter afgewezen. De bataljons commandant, de lkol Makkink, de later C-COKL, vertelde hem dat hij negatief had geadviseerd vanwege vermeende onmisbaarheid. Die mededeling verleidde Zimmermann tot een reactie, waarbij hij de grenzen van de Krijgstucht, ruim overschreed. Enkele uren na deze clash moest hij zich weer bij Makkink melden. In de verwachting een dauw te krijgen kreeg hij de volgende mededeling: “Ik heb een vriendje gebeld in Den Haag. Maandag melden in Hooghalen”, alwaar School Militaire Lichamelijke Opvoeding (SMLO) was gevestigd. Hoe een  ‘beetje” brutaliteit je gehele toekomst kan beïnvloeden…. Na de SMLO (71-72), die hij volgde samen met o.a. de elnt Peter Rommelse, en de vdg’s Jan Pasman en Stas Szamrowicz, werd hij LO/Sportofficier op de Gen Winkelman kazerne te Nunspeet (72-75). In 1975 werd hij aangewezen om de studie te volgen aan de Haagse Academie voor Lichamelijke Opvoeding (75-78). Daarna volgde plaatsing op het Opleidings Centrum Lichamelijke Oefening (OCLO) te Ossendrecht (78-87). In die 9 jaar was hij achtereenvolgens docent, vakgroep hoofd, opleidingsontwikkelaar en hoofd opleidingen. Als lid van de Adviesgroep Methodiek/Didactiek stond hij samen met Ruud Kuitems, Wil Maaswinkel, Jan Pasman en Jan Meiboom aan de basis van de eerste systematiek leergangontwikkeling, het latere LOFT-document. Van 87-94 was C-LO/Sportrayon Brabant West dat later werd omgedoopt in district Zuid West Nederland. In die periode werd zijn interesse gewekt voor de bedrijfsvoering. Op basis van een paar vragen probeerde hij inzicht te verkrijgen in de efficiëntie en effectiviteit van “zijn” LO/Sportgroepen. Wat doen we met zijn allen, welke offers brengen we daarvoor (tijd, manuren, geld) en wat heeft het opgeleverd. De eerste rapportage was geboren. Bij de introductie van de Verbeterde Bedrijfsvoering (VBV) in 1994 werd hij mede daarom, de 1ste controller van de LO/Sport. (94-99). Dat betekende het begin van 11 jaar op de staf in Utrecht en later Amersfoort in de functie van respectievelijk Controller, Hoofd Bedrijsplannen/plv-C (99-02) om tenslotte CLO/Sportorganisatie te worden (02-05). Samen met Wil Maaswinkel en Peter Rommelse bouwde hij vanuit de functie van controller aan een resultaat verantwoordelijke LO/Sportorganisatie.  Vele ontwikkelingen in die laatste 11 jaar zijn vloeiend overgegaan van de perioden van zijn voorgangers, van Jaap de Groot via Wil Maaswinkel en Peter Rommelse naar zijn eigen periode en daarna naar die van zijn opvolger Nico Spreij. De rode lijn in zijn loopbaan en vooral in deze 11 jaar op de Staf kan als volgt worden samengevat. Aanvankelijk was er sprake van een relatief stabiele periode met geleidelijke veranderingen vóór het vallen van de muur (1989). Daarna volgde een turbulente periode met opschorten van de dienstplicht en een overgang naar een beroepsleger. Er was sprake van een voortdurende aanslag op het defensiebudgetten met talloze reorganisaties als gevolg. Ook veranderde de taakstelling van de KL van een massief leger dat gericht was op het Oosten naar een kleine en flexibele krijgsmacht, leidend tot vele missies “all over the world”.  Deze ontwikkelingen in de omgeving noopten de LO/Sportorganisatie tot het zich snel aanpassen aan de veranderende KL, hetgeen, in alle bescheidenheid gezegd, voortreffelijk is gelukt. Ondanks de vele reorganisaties en andere bedreigingen wist de LO/Sport het elan en de veerkracht te vinden zich aan te passen en soms zelfs voorop te lopen. Kernwoorden: Verbeterde bedrijfsvoering en professionalisering, (vak)inhoudelijke veranderingen, uitzendingen, toegenomen belang van operationeel optreden en integratie met de eenheden. Kortom: “van blauw naar groen”.  Niets zal meer hetzelfde zijn en veranderen en aanpassen aan de omgeving wordt een deel van de cultuur van de LO/Sportorganisatie.  

Beleid: Toekomstvisie en Speerpunten.
Bij zijn aantreden als C-LO/Sportorganisatie kon hij vanuit zijn ervaring in eerdere functies op de Staf zijn visie voor de nabije toekomst direct duidelijk maken a.d.h.v. een model, dat gedurende zijn hele commando leading is geweest voor de professionalisering van de organisatie, gericht op een KL die “Fit for Action” en “Fit for Life” is.  De visie steunt op 2 pijlers. Vakmanschap als onmisbare peiler voor een specialistische organisatie en een transparante bedrijfsvoering, noodzakelijk om de beperkte middelen (personeel, materiaal, geld) goed te kunnen inzetten. Bindende factor is het personeel waarvan naast vakmanschap een aantal eigenschappen wordt verwacht als belangrijkste aanjagers van een goede beroepshouding.  

Toekomstvisie en werkbezoeken
Dit model is vervolgens uitgewerkt in speerpunten, die in de tijd zijn weggezet t/m 2005. Deze werden per jaar geconcretiseerd in targets.  Jaarlijks worden samen met de Stafadjudant (Ab Agterbos en later Leon de Frel) werkbezoeken afgelegd aan de LO/Sportgroepen en Regio-bureaus. In 2002 lag het accent op een Quick Scan, een zogenaamde snelle IKZ met als doel: waar staan we als LO/Sportgroep. In 2003 en 2004 werd het vizier op de toekomst gericht en werden de LO/Sportgroepen uitgedaagd na te denken over het toekomstbeeld van hun LO/Sportgroep en hoe die een bijdrage kan leveren aan de toekomstvisie en speerpunten. Waar wil je in de toekomst zijn met je sportgroep, hoe denk je dat te bereiken en hoe kan de Staf en de Regio je daarbij helpen?   

(Re)organisaties en personeel.
Na het vallen van de muur, neemt het defensie budget jaarlijks af. De gevolgen voor de KL en daarmee voor de  LO/Sportorganisatie zijn groot. Vele reorganisaties en andere bezuinigingsmaatregelen volgen en bedreigen zowel de zelfstandigheid als de omvang van de LO/Sport. Om de reorganisaties in onderling verband te kunnen zien worden ze hier op een rijtje gezet.   

1996: Reorganisatie LO/Sport in kader van het VHKL. 
Staf en LO/Sportschool gaan in 1996 samen naar Amersfoort en er blijven 6 districten bestaan conform lrpnr 849 van 16 augustus 1995.  VHKL wordt binnen COKL gerealiseerd via een werkorganisatie per 01 januari 1998 met als voornaamste kenmerken het wijzigen van de districten structuur (6) in een regio structuur (3) en het aanpassen aan het referentiemodel COKL met als meest zichtbare effecten het ontvlechten van het Kenniscentrum “oude stijl” in een afdeling Bedrijfsplanning en een Kenniscentrum “nieuwe stijl” . Uiteindelijk zal deze reorganisatie niet fatsoenlijk worden geëvalueerd, omdat zij achterhaalt wordt door volgende reorganisaties. Naast organisatorische wijzigingen zijn middels een uitgebreid FUWA traject  nagenoeg alle functies opnieuw gewaardeerd en vastgesteld. Dit heeft geleid tot een realisatiememorandum dat onder Lrpnr 1076 is goedgekeurd. De “nieuwe” LO/Sportorganisatie is met ingang van 01 april 1999 van kracht geworden. Vervolgens zijn ongeveer 160 BOT functies opnieuw toegewezen, zodat omstreeks 1 juli 1999 het personeel daadwerkelijk in de nieuwe organisatie aan de slag is gegaan.  

1999:
De reorganisatie i.h.k.v. VHKL is nauwelijks afgerond of er wordt een studie gedaan naar efficiëntie (lees: bezuiniging) binnen het Commando Opleidingen KL (COKL). Deze richt zich op het samengaan van RVE-en binnen het COKL. Er worden 2 mogelijkheden onderzocht, n.l. het samengaan van de Begeleidings Organisatie Civiel Onderwijs (BOCO) met de LO/Sport en die van het onderbrengen van de LO/Sport bij  Staf COKL. Op basis van goede argumenten kunnen beide voornemens  tegengehouden worden.  In dat zelfde jaar stelt de BLS (lgen Schouten) de indringende vraag waarom de LO/Sport niet zo is georganiseerd als de KM. Door de C, kol Peter Rommelse, wordt samen met lkol Rob Zimmermann in allerijl en na enig nachtelijk schrijf en mailverkeer een stuk geproduceerd dat het schip weet te keren. 

2000:
Het verschijnen van de Hoofdlijnennotitie en Defensienota 2000, leidt tot het project COKL 2000+.  Ook nu zullen voorgaande reorganisaties niet worden geëvalueerd. COKL 2000+ zal leiden tot het vaststellen van een referentiemodel. De P-dienst en Controllerorganisatie worden geëvalueerd en zullen enkele jaren later naar een hoger organisatieniveau worden getild. Positief is het Project Kwaliteit Instructeurs (PKI) dat zal leiden tot de introductie van opleidingsbegeleiders. De COKL-norm voor instructeurbelasting (1150 podiumuren) wordt doorgerekend en leidt tot een aanzienlijke meerbehoefte van ruim 50 LO/Sportfuncties.   

2002 SBSKL (Stroomlijning Bedrijfsvoering en Staven).
In de Defensie Nota 2002 “Strategisch Akkoord”, wordt de grootste naoorlogse bezuiniging tot dan toe afgekondigd. COKL 2000+ en SBSKL zitten elkaar in de weg, waardoor de meerbehoefte van COKL en de LO/Sport ( ruim 50 functies) teniet wordt gedaan door SBSKL.  Doel van SBSKL is schaalvergroting, minder staven en personele reducties. Hiermee wordt het failliet van de Verbeterde Bedrijfsvoering (VBV 1993) ingeleid. Immers, die beoogde juist door decentralisatie van bevoegdheden te komen tot efficiëntere en transparantere defensieonderdelen. Terugkijkend op zijn loopbaan geeft Zimmermann later in een persoonlijke aantekening aan dat het hier om een ordinaire bezuiniging gaat en dat de VBV is mislukt vanwege de onwil en mogelijk zelfs onkunde van velen om bedrijfsvoering en operationeel optreden in elkaar te schuiven. Hoe dan ook, dit besluit heeft ook gevolgen voor de LO/Sport. Minder bevoegdheden en daarmee ook minder flexibiliteit.  Uiteindelijk wordt het Commando Opleidingen (COKL) één Resultaat Verantwoordelijke Eenheid (RVE) onder de naam OTCo. De LO/Sport verliest die status, en beheerstaken zoals verwerving, financiën en personeel komen op een hoger niveau bij OTCo te liggen. De oprichting van een Centraal Betaal Kantoor en Regionale Personeel Diensten en een geautomatiseerde personeelsadministratie middels People Soft zijn directe gevolgen.  Binnen de Staf ontstaat een Sectie 3 (voorheen Bedrijfsplannen), Sectie 4 (voorheen Facilitair) en een Kennis- en Opleidingscentrum (KOC) door het samengaan van KC en LO/Sportschool. De LO/Sportgroepen ondervinden gelukkig geen of weinig last van deze reorganisaties. Op personeelsgebied is er een knelpunt in de categorie smi. Door de reorganisatie van 1999 zijn 43 sgt functies opgewaardeerd naar smi, waardoor een verminderd carrièreperspectief is ontstaan.  Uiteindelijk resulteert COKL2000+ en SBSKL in een kleine verhoging met 3 functies t.b.v. het KCT en het opwaarderen van een aantal functies, waaronder 7 nieuwe aoo-functies. Tevens wordt een disbalans binnen de organisatie weggewerkt door een aantal functies van ZW naar NO te verplaatsen. De LO/Sport gaat van 323 naar 326 functies.   

2003: Integraal Defensie Plan.
Defensie wordt volgens het IDP een expeditionaire krijgsmacht met accent op operationele eenheden. Dit zal leiden tot een verlies van ruim 5000 functies binnen de KL en sluiting van vele kazernes waar onder Seedorf en het kazernecomplex in Ede en Bussum. Hierdoor wordt de Regio Duitsland opgeheven en worden functies herverdeeld naar die locaties waar de parate eenheden naar verplaatst worden. Aan de positieve kant vindt er uitbreiding plaats van het KCT en bij de Genie. Tevens verdwijnt het onderscheid tussen BBT en BOT.  

2004 Operatie Stofkam,
onderdeel van het IDP is een project dat de gehele Defensieorganisatie doorlicht onder de naam Operatie Stofkam. Onderdeel is een onderzoek naar de mogelijkheid van één Defensie LO/Sportorganisatie. Uiteindelijk is de conclusie dat de verschillen tussen de diverse Krijgsmachtdelen te groot zijn en er geen substantiële bezuiniging is te realiseren. Vooral organisatie en werkwijze van de LO/Sportorganisatie KL dient voor de KL behouden te blijven.   

2004 Project W&AKL (Werving en Aanstelling KL):
In 2004 is er grote behoefte in de KL aan nieuw personeel voor gevechtsfuncties. In overleg met Werving en Aanstelling (W&AKL) worden 7 LO/Sportfuncties beschikbaar gesteld om bij de 28 Regionale Opleiding Centra te worden ingezet als adviseur en trainer om het aantal geschikte kandidaten voor gevechtsfuncties te verhogen, en met succes.

Personeel:

Door de bevorderingsslag in 1999 is een boeggolf ontstaan aan beschikbare smi’s, die zich niet verhoudt met het aantal beschikbare aooi-functies. De verwachting is dat van deze groep tien tot vijftien mensen geen aooi in de LO/Sportorganisatie kunnen worden. Gelukkig wordt dat voor een belangrijk deel gecompenseerd doordat we op dat moment beschikken over een redelijk groot aantal uitlopers (20). Daar schuilt echter wel een gevaar in, aangezien de KL het aantal uitlopers sterk wil terugbrengen. Een ander gevaar is de 53/54 jarige uitstroom bevorderende maatregel. Het ligt voor de hand dat het veelal aooi of uitlopers (majoor of hoger) zijn die hiervoor in aanmerking komen. Dat zou wat lucht geven ware het niet dat deze maatregel juist is verzonnen om vervolgens de vrijgekomen functies te blokkeren. Ook dat schiet niet erg op dus. Gevolg is dus een vertraagde bevorderingsgang van collega’s in de rang van smi.   John Labes wordt opgevolgd door Ab Agterbos als Stafadjudant die zelf weer wordt opgevolgd door Lion de Frel in 2004. Ad Derksen wordt in 2002 de eerste vertrouwenspersoon van de LO/Sport. Op initiatief van Claudia van Kleef wordt de eerste “vrouwendag” van de LO/Sport georganiseerd. Doel is om de knelpunten in het functioneren van vrouwelijke LO/Sportinstructeurs in beeld te brengen en de commandant in deze te adviseren.  

Uitzendingen.
Naast de reguliere LO/Sportuitzendingen in Bosnië en Macedonië zijn in deze periode ook collega’s uitgezonden voor algemene functies, zoals CIMIC (Civiel Militaire Coöperatie) en Staffuncties in Afghanistan wederom een bewijs van de inzetbaarheid van LO/Sportpersoneel in functies buiten het vakgebied. Later volgen er ook uitzendingen in LO/Sportfuncties naar Irak.

Gravendienst.
Op 9 maart 2004 wordt de beleidsstudie Gravendienst door de Legerraad goedgekeurd. In een expeditionaire Krijgsmacht is de kans op een groter aantal slachtoffers aanwezig. Hiervoor wordt een Gravendienst opgericht en C-LO/Sport stemt in om hier LO/Sportpersoneel voor beschikbaar te stellen, vanwege de aanwezige medische voorkennis en het mentale zware karakter van de werkzaamheden. De Gravendienst is daarom ingepast in het uitzendbeleid LO/Sport en zal later, onder kol Nico Spreij verder worden ingevuld.  

Vakmanschap:
Vanuit de toekomstvisie worden cursussen AIB, systematiek, competentiegericht opleiden en trainen (leren, trainen en vormen) en C-LO/Sportgroep gegeven.  De Handleiding Vorming en de Vormingsmatrix vormen een belangrijke basis voor vorming binnen COKL en de gehele KL. De Beleidsvisie Opleiding en Training uitgegeven door de Landmachtstaf besteed voor het eerst uitdrukkelijk aandacht aan het belang van fysieke en mentale training. De LO/Sportorganisatie biedt steeds meer “groene” producten aan en vergroot de aandacht voor de Mentale component, als direct uitvloeisel van het Symposium “Meer groen,…..ook tussen de oren” (2001). Optimum is de pilot in 2004 Zuid Duitsland in Bad Reichenal, waar eenheden een GVA week zullen ondergaan, met belangrijke aandacht voor de mentale component. Later zal deze pilot onder kol Nico Spreij uitgroeien tot een LO/Sportgroep met permanente bezetting ter plaatse, met wisselende activiteiten voor de bezoekende operationele eenheden.  “Fit for life” krijgt handen en voeten o.a. door het organiseren van golfopleidingen voor LO/Sportinstructeurs. Joop Klinkenberg wordt extern opgeleid tot golfleraar en samen met Jan Maree en leidt hij de LO/Sportcollega’s op, die vervolgens vele clinics organiseren op de diverse kazernes. Het KL-kampioenschap golf groeit uit tot een zeer druk bezocht NMK Golf, met rond de 300 delnemers.  Op 6 september 2002 vond op het CIOS Arnhem de kick-off plaats van de Deeltijdopleiding CIOS voor BBT’ers van de Koninklijke Landmacht (KL), in deze eerste groep zaten overwegend BBt-ers van 11Lmbl. In 2003 worden een managementdag georganiseerd voor de top 400 van de ING-bank en later op verzoek van de Secretaris Generaal ook voor de Defensietop. Beide dagen zijn een groot succes geworden. Vooral de Defensiedag was daarbij belangrijk. Immers, als je in staat bent om de scepsis weg te nemen en om te zetten in enthousiasme bij bijna vierhonderd “Chinese vrijwilligers” van de top van KL, KLu, KM en KMar, dan mag je met recht spreken van een succesvolle dag, die onder bezielende leiding stond van Rob Jansen, Ruud Dominicus en Berry Manders, Ook op infra gebied vinden er belangrijke besluiten plaats en worden de nieuwe sporthallen in Amersfoort, Soesterberg en Strijpse Kampen aanbesteed en wordt met de bouw gestart.  

2004 Dienstvak LO/Sport.
De eerste initiatieven zijn genomen door kol Peter Rommelse en voortgezet in deze periode. In de jaren 80 was al een eerdere poging (lkol’s Luc van der Wee en Harry Kok) gedaan, maar dat wist het toen niet te halen.  Mede dankzij de medewerking van de Bgen Bram Zuidema, toenmalige Hoofd Jurist van de KL is het idee van een eigen dienstvak uit de mottenballen gehaald. Zuidema had goede contacten met de LO/Sportorganisatie omdat er medewerking is verleend om het aantal NSF-Vaardigheidsproeven te vergroten. Deze vaardigheidsproeven vielen toen onder de Stichting Moderne Vijfkamp, waar Zuidema voorzitter van was. Of er een relatie bestaat tussen de inspanningen van de LO/Sport en de positieve bijdrage van Zuidema aan het Dienstvak LO/Sport, zal altijd ongewis blijven. Zeker is dat de LO/Sport een belangrijke positie in de KL had verworven en alom lof wist te oogsten van (onderdeels-)commandanten van hoog tot laag. Ook de toenmalige Bevelhebber Lgen Marcel Eurlings had waardering voor de LO/Sport. In december 2003 wordt het eerste exemplaar van het nieuwe embleem geslagen bij de Koninklijke Munt en op 15 september 2004 heeft de BLS,  in een dagorder de oprichting van het Dienstvak LO/Sport bekend gesteld. Deze 1ste Dienstvakdag, opgesierd door fantastische demonstraties van ons vakmanschap, in aanwezigheid van oud-commandanten, vele (oud) LO/Sporters en hoogwaardigheidsbekleders, mag als onbetwist hoogtepunt van deze periode worden beschouwd.